In het zwembad trainen we vaak heel gevarieerd, maar zodra we in het openwater liggen, hebben we de neiging om de snelheid te vergeten en lange stukken te gaan zwemmen. Zonder dat je het doorhebt, beland je in een rustig tempo en wordt de training misschien wat saai. Om de training die extra kick te geven en de snelheid uit het zwembad ook in het openwater toe te passen, heb ik wat tips voor je!

De voorbereiding

Voordat je op snelheid kan gaan zwemmen in het openwater, is er nog wat voorbereiding nodig. Check daarom als eerste of je op je horloge een countdownfunctie of een andere teller hebt. Dan moet je denken aan iets dat bijvoorbeel iedere drie minuten een piepje geeft. Tel daarnaast, in het zwembad, het aantal slagen op de 25 en 100 meter. Schrijf deze aantallen op zodat je ze later buiten kan gaan toepassen.

Tijd voor snelheid

Eenmaal in het openwater is het lastig om exact te weten hoeveel meter je zwemt, omdat het moeilijk is om op je horloge te kijken. Ook kan je de afstand lastig inschatten omdat je vaak lange stukken rechtdoor zwemt. Toch is het zeker mogelijk om een gerichte intervaltraining, waarin je leert snelheid te maken, in het openwater te doen.

Stel dat je in het zwembad ongeveer 1min50sec op 100m zwemt. Voor een 200m intervalsessies in het open water, stel je het horloge dan zo in dat je iedere vier minuten een piepje krijgt. Bij ieder piepje wissel je van snelheid, zodat er een interval ontstaan. Zo zwem je dan automatisch 200 meter op snelheid en pak je de volgende 200 meter voldoende rust.

Ook kan je ervoor kiezen om slagen te tellen. Laten we er vanuit gaan dat je twintig slagen zwemt over 25 meter. In het openwater wil
je vier keer 100 meter op snelheid zwemmen en 50 meter rust pakken. Tel dan 80 tot 90 slagen voor de 100 meter op snelheid en neem ongeveer 40 rustige slagen voor de 50 meter. Het zal nooit helemaal exact zijn, maar je komt zeker in de buurt als je dezelfde techniek gebruikt als in het zwembad.

Als laatste kan je gaan leren draften, maar dat moet wel kunnen met de anderhalve meter afstandsregel. Bij het draften probeer je in iemands slipstream te gaan zwemmen zodat je wordt meegezogen in de snelheid van de ander.

Je kan op drie verschillende manieren handig gebruik maken van de snelheid van de andere zwemmer. Als eerste kan je direct achter de voeten van de ander aan gaan. Daar pak je de meeste snelheid en het meeste voordeel. Ook op heuphoogte, naast de andere zwemmer, pak je veel voordeel. Jouw hoofd en schouders zitten dan ter hoogte van de heup van de andere triatleet. De laatste optie is op armhoogte. Je zwemt dan ongeveer tien tot twintig centimeter achter en naast de ander. Hier pak je een beetje voordeel. Het nadeel is wel dat je in de zone van deze persoon zwemt en je de kans loopt een klap te ontvangen als je te dichtbij komt.

Wil je meer weten over veilig openwater zwemmen en op welke manieren je kan trainen in het openwater? Neem dan contact met mij op of sluit je aan bij het Trispiration Triathlon Team.

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws en leuke acties? Volg Trispiration ook op Facebook en Instagram.

josta