Op de tweede dag werd ik al om 4:30 wakker. Tijdens de Halve Marathon des Sables heb ik geen wekker nodig. Natuurlijk moest ik naar het toilet toe, maar het toilet lag 300 meter bergop. Daarom ging ik zelfs de toiletstops plannen, want dat zijn allemaal onnodige extra meters en daar zat ik niet op te wachten. Na het loopje naar het toilet werd het tijd om mij aan te kleden, het water te koken voor mijn zakje porridge met aardbeien en mijn tas inpakken. De hele inboedel ging weer in de rugzak, want de tent moest leeg achterblijven.

Ben je benieuwd hoe de eerste dag is gegaan? Je leest het eerste deel van de Halve Marathon des Sables hier.

Om 6:00 uur was het tijd om ons te melden voor de briefing, zodat we een kwartier later met een lampje op ons hoofd op weg konden gaan. Aan de start voelde ik mij een beetje raar. Ik had enorm veel zin om op pad te gaan, maar tegelijkertijd had ik een beetje hoofdpijn en voelde ik mij emotioneel en gespannen. Vandaag moesten we 55 kilometer lopen, maar zouden mijn benen dat wel redden? Mijn laatste marathon was in 2015 en dat is natuurlijk alweer even geleden. Ook was ik stiekem een beetje bang voor uitdroging, omdat ik dat al een keer eerder had meegemaakt.

Klaar voor de start

De start van de tweede dag was gelukkig een stuk makkelijker dan die van de eerste dag. De route liep naar beneden en ging voornamelijk over harde zandpaden heen. Ook vandaag gingen we richting het strand en daarom stond ik na zeven kilometer ineens naar de zonsopgang te kijken. Terwijl de ochtend vorderde kreeg ik het steeds een beetje zwaarder. De hoofdpijn werd erger en ik moest vaker plassen terwijl ik echt op mijn zoutinname, vocht en eetpatroon had gelet. Ik begreep niet wat er gebeurde en mijn angst werd steeds groter. Hoewel ik er enorm van baalde, besloot ik te gaan wandelen. Ik was hier gekomen om te hardlopen, niet om te wandelen. Pas later kwam ik erachter dat het normaal is om 80% te wandelen en 20% te rennen, maar voordat ik dat doorhad was ik alweer een behoorlijk stuk verder.

Checkpoint 2

Met een brok in m’n keel en met mijn lieve mannen in mijn hoofd, ging ik naar checkpoint 2. En daar stortte ik helemaal in! Dikke tranen en huilbuien. Ik wilde niet meer verder! Er was niets meer aan. Ik vervloekte het zand en de hoofdpijn werd alleen maar erger. Gelukkig had ik een telefoon mee die ik mocht gebruiken, dus belde ik Bob. Hij haalde mij over om langs de medical te gaan voor een check. Mijn bloeddruk en saturatie werd gemeten en bleek helemaal goed! Ik kreeg een paracetamol en kon weer verder. Toch twijfelde ik! De gedachte aan mijn lieve mannen en een lekker zwembad was ook wel erg aantrekkelijk.

Nooit meer een marathon of triathlon?

Toch realiseerde ik mij ook dat ik juist nu moest doorzetten. Als ik nu zou uitstappen, wilde ik misschien wel nooit meer een marathon of triathlon doen. Ik sprak met Bob af dat ik zou kijken hoe het bij Checkpoint 3 ging. Dat checkpoint was twaalf kilometer en wat was ik blij dat ik besloten had om door te lopen.

De tweeënhalf uur tot aan dat checkpoint waren de mooiste van de tweede dag. Met iedere stap werd ik weer een beetje blijer en sterker. En dat is juist de reden waarom ik aan dit soort wedstrijden meedoe. Ik kom op plekken waar ik nooit zou komen, ik ben lekker buiten in de natuur en ik kan mijzelf maximaal uitdagen. Spontaan liet ik het concept rennen, snelheid en tijd los en begon te wandelen. Gewoon lekker genieten en doorlopen. Na een tijdje voelde ik mij zo goed dat ik weer delen kon gaan rennen. Dat had ik zelfs niet meer verwacht!

Jammer genoeg bleef de hoofdpijn nog lang hangen ondanks dat ik ben doorgegaan met goed drinken en mijn voedingsplan. Na 35 kilometer verdween de hoofdpijn en leek ik volledig hersteld. Toen realiseerde ik mij dat ik niet meer bang hoef te zijn voor uitdroging en besloot de angst daar achter te laten. Bij Checkpoint 3 appte ik Bob dat ik mij goed voelde en dat ik doorging naar Checkpoint 4 op 44 kilometer.

Op naar de finish

Na het derde checkpoint ging ik helemaal los. Veel klimmen en klauteren, over rotspaden rennen en lopen. Tijdens het klimmen  heb ik zoveel Fransen, Spanjaarden en mannen uit Zwitserland ingehaald, dat ik er een beetje om moest lachen. Bij checkpoint 4 stuurde ik Bob “checkpoint 4 BAM, ik ga door naar de finish” Daarna ging de telefoon weer snel uit, want opladen kon natuurlijk niet.

Op het laatste stuk kreeg ik het toch weer zwaar. Mijn benen waren moe en het zand was weer mul. Jammer genoeg was dit niet het mooiste stuk, dus ik moest gewoon doorlopen en niet nadenken. De ene voet voor de andere en door! Het laatste stuk liep ik zelfs nog bijna verkeerd. Gelukkig zag ik op het laatste moment nog een loper waar ik achteraan kon lopen.

In de laatste kilometers kwam het windmolenpark in zicht en ik wist dat daar mijn tentje ook stond. Maar het park leek maar niet dichterbij te komen. Inmiddels deden mijn bovenbenen zoveel pijn dat het hardlopen niet meer ging. Ook mijn voeten en tenen deden ook enorm veel pijn van alle stenen. Toen ik na 55 kilometer de finish zag wist ik niet hoe ik moest reageren. Lachen, huilen, alles door elkaar. I made it.

Zoveel liefde

Ik ging meteen door om mijn vijf liter op te halen. En daar kreeg ik ook twee A4tjes met persoonlijke berichtjes van het thuisfront. Ik ben op een rots gaan zitten en heb met veel tranen in mijn ogen de lieve berichten gelezen. Dit betekende echt zoveel voor mij. Dat er thuis allemaal lieve mensen aan mij dachten en meeleefden. Dat maakte de finish van deze etappe zo intens mooi. Na al deze emoties wilde ik gaan koken, maar dat werden een paar winegums en een proteïnebar. Daarna ben ik in mijn slaapzak gaan liggen. Morgen weer een dag! Met een intens trots gevoel dat ik mezelf heb overwonnen, heb ik twaalf uur lang geslapen. Ik ben klaar voor etappe 3 van de Halve Marathon des Sables .

Wil je op de hoogte blijven van het laatste nieuws en leuke acties? Volg Trispiration ook op Facebook en Instagram.

josta